Op Sacramentsdag kunnen we de communie weer ontvangen

Voor het eerst sinds de coronacrisis kan op zondag 14 juni weer de eucharistie worden uitgereikt. Juist op deze zondag is het liturgisch hoogfeest van Sacramentsdag. Wat is de middeleeuwse oorsprong van dit feest? En wat is de betekenis voor ons nu? Paus Franciscus en emeritus-paus Benedictus XVI wijzen op het belang van aanbidding en eucharistieviering op Sacramentsdag.

In visioenen aan de heilige Juliana van Cornillon (1192/93-1258) vroeg de Heer de Kerk een feest in te stellen ter ere van de eucharistie. Juliana was Augustines in Luik, waar groepen vrouwen zich wijdden aan de aanbidding, het vurig ontvangen van de communie en werken van naastenliefde. Juliana overdacht en mediteerde twintig jaar lang over de wens van de Heer en besprak het met twee andere vrome vrouwen. Ze kreeg instemming van eminente theologen en de bisschop van Luik (Robert de Thourotte) voor invulling van de wens van Jezus.

Sacramentsdag is een liturgisch feest waarbij gelovigen de eucharistie aanbidden, zodat hun geloof groeit, zij vooruitgang maken in de beoefening van de deugden en eerherstel geven voor beledigingen tegenover het Allerheiligste Sacrament. Het hoogfeest werd voor het eerst in het bisdom Luik ingevoerd.  Juliana van Cornillon kreeg aanvankelijk te maken met flinke tegenwerking en werd zelfs verbannen uit haar klooster. De latere paus Urbanus IV had haar leren kennen toen hij als aartsdiaken werkte in Luik. Hij voerde in 1264 Sacramentsdag in als verplicht hoogfeest voor de hele Kerk, wat door het Concilie van Vienne (1311-1312) werd bevestigd. In zijn instellingsbul, ‘Transiturus de hoc mundo’ (Alvorens de wereld te verlaten), schreef paus Urbanus: “Alhoewel de eucharistie elke dag plechtig gevierd wordt, achten wij het juist (…) dat het tenminste eens per jaar met nog grotere plechtigheid gevierd wordt. (…) In deze sacramentele gedachtenis van Christus is Jezus Christus, zij het onder een andere gedaante, in zijn eigen substantie bij ons aanwezig. Toen Hij zou opstijgen ten hemel, zei Hij namelijk: ‘Ik ben met u alle dagen tot de voleinding der wereld’ (Matteüs 28, 20).”

Hij vroeg één van de grootste theologen, de heilige Thomas van Aquino (1225-1274), voor dit hoogfeest liturgische teksten te schrijven die wij nog altijd zingen, waaronder het Pange Lingua en Tantum Ergo. Paus Benedictus XVI noemt ze “meesterwerken waarin theologie en poëzie met elkaar vermengd zijn. Het zijn teksten die de snaren van het hart doen trillen om de lof en dankbaarheid aan het Allerheiligste Sacrament uit te drukken. Terwijl het verstand met bewondering doordringt in het mysterie, erkent het in de eucharistie de levende en waarachtige aanwezigheid van Jezus, van zijn liefdesoffer dat ons met de Vader verzoent en ons het heil geeft.”

Nieuwe ogen

Het niet kunnen vieren van de eucharistie is door velen als een pijnlijk gemis ervaren, zoals de bisschoppen in hun Pinksterbrief schrijven. Deze omstandigheden bieden een kans om met nieuwe ogen naar de eucharistie te kijken en Gods eucharistische aanwezigheid dieper tot ons door te laten dringen.

In zijn laatste preek op Sacramentsdag sprak paus Benedictus over bijsturing van overaccentuering van de eucharistieviering sinds het Tweede Vaticaans Concilie. Deze ging ten koste van de aanbidding als een daad van geloof en gebed tot Heer Jezus aanwezig in het altaarsacrament. Die onevenwichtigheid heeft zijn weerslag op het geestelijk leven van gelovigen, zegt Benedictus: ‘’Als men de band met de eucharistische Jezus concentreert op het moment van de heilige Mis alleen, loopt men het gevaar overige tijd en ruimte te beroven van zijn aanwezigheid.’’ Men ziet minder de zin van Jezus’ blijvende aanwezigheid onder ons, zijn nabije aanwezigheid in onze huizen als het Kloppend Hart van de stad en van het land, en in verschillende expressies en activiteiten. ‘’ Het Sacrament van Christus’ liefde moet heel het dagelijks leven doordringen”, aldus Benedictus XVI.

Eucharistische wake

Volgens de emeritus-paus vullen eucharistieviering en aanbidding elkaar aan. De ‘eucharistische wake’ voorafgaand aan de heilige Mis, bereidt de harten voor op de ontmoeting, zodat deze er vruchtbaarder door wordt: “Samen langere tijd in stilte bij de Heer verblijven die in zijn sacrament aanwezig is, is één van de meest authentieke ervaringen van ons Kerk-zijn, aangevuld door de eucharistieviering waar naar Gods Woord geluisterd wordt, waar gezongen wordt en waar men samen de tafel van het Levensbrood nadert. (…) De ontmoeting met de eucharistische Christus in de zondagsmis is essentieel voor het geloof. Maar laten we ook regelmatig de Heer bezoeken, aanwezig in het tabernakel! Kijken wij in aanbidding naar de geconsacreerde hostie dan ontmoeten we Gods liefde, het Lijden en het Kruis van Jezus, evenals zijn Verrijzenis. Door onze aanbidding trekt de Heer ons tot Hem in zijn mysterie om ons om te vormen zoals Hij brood en wijn omvormt.”

Zo vormde Hij ook mensen als Moeder Teresa en Peerke Donders die hun kracht putten uit de momenten van stil samenzijn met Jezus in de eucharistie.

Paus Franciscus moedigde vorig jaar in zijn preek van Sacramentsdag ons aan diezelfde beweging te maken: “In onze stad die hongert naar liefde en aandacht, die lijdt onder ontwaarding en verwaarlozing, tegenover de vele eenzame bejaarden, gezinnen in problemen, jongeren die moeilijk hun kost kunnen verdienen en hun dromen voeden, zegt de Heer u: Geef jullie ze maar te eten. En je kunt antwoorden: ik heb weinig, ik ben er niet toe in staat. Maar dat is niet waar. Het weinige dat je hebt, is veel in de ogen van Jezus als je het niet voor jezelf houdt, als je het waagt. En je bent niet alleen: je hebt de eucharistie, het Brood voor onderweg, het Brood van Jezus.”

Dat is waar we op Sacramentsdag, méér nog dan anders, bij stilstaan.