Rozenkrans, column mei

Op 25 april schreef paus Franciscus een boodschap waarin hij pleit voor het Rozenkransgebed, juist in deze tijd van de Coronacrisis. Het is een gebed dat bij uitstek thuis beoefend kan worden, en het is in de katholieke kerk een van de meest bekende en vertrouwde manieren om te bidden. Het herhalen van formuliergebeden aan de hand van een kralensnoer is overigens niet typisch katholiek. We treffen het ook aan in onder meer de islam. De moslim noemt bij het gebruik van de kralensnoer de 99 namen van Allah. Gebeden herhalen brengt je in een sfeer van meditatie.

Er zijn in de katholieke traditie nog meer vormen van kralensnoeren dan de ene die wij het beste kennen: 5 ‘tientjes’ met 10 kralen voor een Weesgegroet en 5 kralen voor een Onzevader. Er zijn ook snoeren van 7 Onzevaders en telkens 7 Weesgegroeten om de smarten van Maria te herdenken. Ik heb er zo eentje. Een aantal jaren geleden is de rozenkrans van de goddelijke barmhartigheid bekend geworden.

De bedoeling van het bidden van de rozenkrans is dat je geheimen overweegt uit het leven van Jezus en Maria. Dat mediteren bij het bidden valt niet zo mee, is mijn eigen ervaring. Mijn gedachten dwalen vaak af. Ondertussen ben ik toch op een eenvoudige manier met Jezus en Maria verbonden, en daar gaat het eigenlijk om. Langzaam wordt hun gezindheid de mijne.

De hele rozenkrans bestaat eigenlijk uit 150 Weesgegroeten. Dat komt overeen met het aantal psalmen in de Bijbel. Die worden (werden) door de monniken wekelijks gebeden. Het rozenkransgebed kunnen we dan ook beschouwen als een eenvoudig alternatief voor wie niet deel kunnen nemen aan het koorgebed dat behoorlijk veel tijd vraagt.

Zelf bid ik de rozenkrans vaak als ik aan het wandelen ben, en vaak verbind ik er ook intenties aan: voor de vrede, voor de priesters, voor mijn familie. Er zijn tal van intenties die ik met me meedraag.

+ Ron van den Hout
bisschop van Groningen – Leeuwarden